
Elke las krimpt, en de volgorde waarin u last bepaalt hoe die krimp zich optelt. Een constructie die in de verkeerde volgorde wordt gelast trekt krom, en rechtzetten achteraf kost meer tijd dan het hele lasprogramma. Toch wordt de lasvolgorde in veel werkplaatsen aan de lasser overgelaten.
Dit artikel behandelt de principes waarmee u een volgorde ontwerpt en de punten waarop het in de praktijk misgaat.
Drie soorten krimp
Dwarskrimp trekt de delen naar elkaar toe, haaks op de naad, en is het grootst bij veel lasmetaal en een brede naad. Langskrimp werkt in de lengterichting van de las en veroorzaakt bij lange naden een boog in de constructie. Hoekvervorming laat de delen om de naad kantelen, doordat de bovenzijde meer krimpt dan de onderzijde.
Die drie vragen elk een andere maatregel. Dwarskrimp beperkt u met minder lasmetaal en een krappere naad, langskrimp met pelgrimsgang, hoekvervorming met tweezijdig lassen of met voorspannen in de tegengestelde richting.
Principes van een goede volgorde
Las symmetrisch ten opzichte van de zwaartelijn, zodat de krimp aan weerszijden elkaar opheft. Werk van het midden naar buiten, zodat de delen niet klemmen. Las eerst de naden die het meest krimpen, meestal de stompe lassen, en daarna de hoeklassen.
Gebruik bij lange naden pelgrimsgang: korte stukken lassen in een richting die tegengesteld is aan de voortgang. Dat verdeelt de warmte en vermindert de netto langskrimp aanzienlijk, tegen nauwelijks extra tijd.
Opspannen of vrijlaten
Stevig opspannen beperkt de vervorming tijdens het lassen, maar zet er restspanning voor in de plaats. Bij dikke secties en bij scheurgevoelig materiaal kan dat scheuren opleveren. Vrij laten geeft minder restspanning maar meer vervorming.
De praktische middenweg is opspannen tijdens het lassen van de kritische naden en losnemen voordat de laatste naden worden gelast, zodat de constructie kan zetten. Bij hoogsterktestaal wordt vaak bewust minder stijf opgespannen. Zie waterstofscheuren voorkomen.
Vastleggen en bewaken
De volgorde hoort op papier, met genummerde lassen die aansluiten op het lasregister. Dan kan de werkvoorbereiding hem plannen, de lasser hem volgen en de inspecteur hem controleren. Zonder vastgelegde volgorde is het resultaat afhankelijk van wie er die dag staat.
Meet de maatvoering na de eerste serie en pas de volgorde aan als de vervorming structureel dezelfde kant op valt. Voorspannen in de tegengestelde richting is dan vaak eenvoudiger dan de volgorde helemaal omgooien. Zie lasvervorming beperken.
Veelgestelde vragen
Een techniek waarbij u de naad in korte stukken last, telkens in de richting tegengesteld aan de algemene voortgang. De las vordert bijvoorbeeld van links naar rechts, maar elk stukje wordt van rechts naar links gelegd. Dat beperkt de opbouw van langskrimp.
Ja, als de vervorming voorspelbaar is. Door de delen vooraf in de tegenovergestelde richting te zetten komt de constructie na het lassen recht. Dat vraagt wel meetgegevens uit eerdere series; op de eerste set is het gokken.
Zeker. Hechtlassen bepalen de uitgangsgeometrie en krimpen zelf ook. Hecht op korte afstand, symmetrisch, met dezelfde procedure als de hoofdlas, en laat de hechtlassen door de hoofdlas opnemen of slijp ze weg.
Vlamrichten werkt, maar het brengt opnieuw warmte in en beinvloedt de eigenschappen. Bij thermomechanisch en veredeld staal is er een maximumtemperatuur die niet overschreden mag worden. Richt dus binnen vastgelegde grenzen en registreer het.
Meer uit de kennisbank
Heeft u een lastechnische vraag?
Stel uw eerste vraag aan de DEHAAS Welding & Quality Assistant, laat uw situatie beoordelen door een specialist, of bel direct.

