Normen & regelgeving·14 juli 2026·3 min lezen

ISO 5817 kwaliteitsniveaus B, C en D: kiezen en toepassen

ISO 5817 kwaliteitsniveaus B, C en D: kiezen en toepassen

ISO 5817 is de norm waarmee lasonvolkomenheden in staal, nikkel en titaan worden beoordeeld. De norm definieert drie kwaliteitsniveaus: B (streng), C (gemiddeld) en D (soepel). Per type onvolkomenheid, van porositeit en randinkarteling tot overmatige doorlassing en hoogteverschil, geeft de norm grenswaarden per niveau. Het niveau bepaalt dus welke afwijkingen acceptabel zijn en welke moeten worden hersteld.

Het kwaliteitsniveau is geen vrijblijvende keuze van de werkplaats: het volgt uit de toepasselijke norm of uit het contract, en het werkt direct door in herstelkosten, doorlooptijd en de omvang van het onderzoek. Dit artikel legt uit wat de niveaus inhouden, hoe u het juiste niveau vaststelt en hoe de koppeling met de EXC-klassen uit EN 1090-2 werkt.

Wat regelt ISO 5817 precies

ISO 5817 geldt voor smeltlasverbindingen in staal, nikkel, titaan en hun legeringen, voor materiaaldiktes vanaf 0,5 millimeter. De norm somt tientallen typen onvolkomenheden op, genummerd volgens ISO 6520-1, en geeft per onvolkomenheid de grenswaarden voor de niveaus B, C en D. Denk aan scheuren, bindingsfouten, porositeit, slakinsluitsels, randinkarteling, overmatig lasmetaal, inbrandkerven en maatafwijkingen van de las. Voor sommige onvolkomenheden, zoals scheuren, geldt op elk niveau: niet toegestaan. Voor andere, zoals porositeit, verschuiven de toegestane afmetingen en aantallen per niveau. De norm beoordeelt de las, niet de methode: hij wordt gebruikt bij visueel onderzoek en als acceptatiecriterium bij ander niet-destructief onderzoek.

Niveau D: soepel

Niveau D staat de grootste onvolkomenheden toe en past bij laswerk met een beperkte constructieve functie en lage gevolgen bij falen. Binnen EN 1090-2 hoort niveau D bij uitvoeringsklasse EXC1: eenvoudige, overwegend statisch belaste constructies. Let wel: ook op niveau D zijn scheuren en bindingsfouten van betekenis niet toegestaan. D is dus geen vrijbrief voor slecht laswerk, maar een realistisch acceptatieniveau voor toepassingen waar de veiligheidsmarge groot is en vermoeiing geen rol speelt.

Niveau C: gemiddeld

Niveau C is het gangbare niveau voor de meeste constructieve toepassingen en hoort binnen EN 1090-2 bij EXC2, de klasse waarin het gros van de Nederlandse utiliteitsbouw valt. De grenswaarden voor bijvoorbeeld randinkarteling, porositeit en lasgeometrie zijn duidelijk strenger dan bij D, maar blijven haalbaar voor een beheerst productieproces met gekwalificeerde lassers. Voor veel werkplaatsen is niveau C daarom het praktische referentiepunt: wie structureel op C produceert, houdt herstelwerk beperkt en voldoet aan de meest voorkomende contracteisen.

Niveau B: streng

Niveau B stelt de strengste eisen en geldt voor zwaar of dynamisch belaste constructies: bruggen, kraanbanen, vermoeiingsgevoelige details en toepassingen met grote gevolgen bij falen. Binnen EN 1090-2 hoort B bij EXC3; voor EXC4 geldt B met aanvullende eisen, aangeduid als B+, waarbij de constructieve specificatie extra grenswaarden stelt aan onder meer inbrandkerven en lasgeometrie. Niveau B vraagt aantoonbaar vakmanschap, een strakke procesbeheersing en meer onderzoek: de kans op herstel neemt toe en daarmee de kostprijs. Specificeer B dus alleen waar de belasting of het risico dat rechtvaardigt.

Het juiste niveau kiezen

Het kwaliteitsniveau volgt in deze volgorde:

  • Uit de productnorm: EN 1090-2 koppelt het niveau aan de uitvoeringsklasse, van D bij EXC1 tot B met aanvullingen bij EXC4. Zie ons artikel over de EXC-klassen.
  • Uit het contract of de specificatie: opdrachtgevers kunnen per project of per lasdetail een strenger niveau eisen dan de productnorm.
  • Uit de ontwerpuitgangspunten: vermoeiingsgevoelige details kunnen lokaal een hoger niveau vragen dan de rest van de constructie.

Leg het gekozen niveau vast in de lasmethodebeschrijving en het keurings- en testplan, zodat lasser, inspecteur en klant van hetzelfde criterium uitgaan. Een niveau dat pas bij de eindkeuring wordt afgesproken, leidt vrijwel altijd tot discussie.

Beoordelen in de praktijk

De eerste toets aan ISO 5817 gebeurt met visueel onderzoek volgens ISO 17637: honderd procent van de lassen, met meetgereedschap zoals lasmeters voor keeldikte, overmaat en inkarteling. Aanvullend onderzoek, bijvoorbeeld magnetisch of ultrasoon, gebruikt eigen acceptatienormen die aan de ISO 5817-niveaus zijn gekoppeld. Belangrijk voor de beoordelaar: meet en registreer, en vertrouw niet op het blote oog bij grensgevallen. Een randinkarteling van een halve millimeter is op niveau C acceptabel binnen de gestelde grenzen en op niveau B mogelijk niet. Onafhankelijke lasinspectie en QA/QC geeft hierbij een objectief oordeel, juist wanneer fabrikant en opdrachtgever van mening verschillen.

Veelgestelde vragen

EN 1090-2 koppelt ze rechtstreeks: EXC1 aan niveau D, EXC2 aan niveau C, EXC3 aan niveau B en EXC4 aan niveau B met aanvullende eisen. Een contract kan daarbovenop strengere eisen stellen, bijvoorbeeld niveau B voor specifieke vermoeiingsgevoelige details binnen een EXC2-project.

Nee. Ook op niveau D zijn scheuren en andere kritische onvolkomenheden niet toegestaan. Niveau D staat alleen ruimere grenswaarden toe voor onvolkomenheden zoals porositeit, randinkarteling en lasgeometrie. Het blijft een beoordeelbaar acceptatiecriterium, geen vrijstelling van kwaliteit.

Nee. Het niveau volgt uit de toepasselijke productnorm, zoals EN 1090-2 via de uitvoeringsklasse, of uit het contract en de constructieve specificatie. De werkplaats moet het vereiste niveau kennen voordat er gelast wordt en het vastleggen in WPS en keuringsplan.

Nee. Voor aluminium geldt de zusternorm ISO 10042, met een vergelijkbare opzet en eveneens de niveaus B, C en D. ISO 5817 dekt staal, nikkel, titaan en hun legeringen. De systematiek van beoordelen is voor beide normen gelijk.

Heeft u een lastechnische vraag?

Stel uw eerste vraag aan de DEHAAS Welding & Quality Assistant, laat uw situatie beoordelen door een specialist, of bel direct.

WhatsApp