Normen & regelgeving·17 juli 2026·3 min lezen

CE-markering van staalconstructies onder EN 1090-1

CE-markering van staalconstructies onder EN 1090-1

Wie constructieve stalen of aluminium onderdelen op de Europese markt brengt, is verplicht die te voorzien van CE-markering volgens EN 1090-1. De grondslag is de Europese Verordening bouwproducten (CPR). De CE-markering is geen kwaliteitskeurmerk maar een verklaring: de fabrikant verklaart dat het product de prestaties levert die in de bijbehorende prestatieverklaring staan en dat het productieproces daarop is ingericht.

In de praktijk gaat er veel mis rond CE-markering: verkeerde scope, een prestatieverklaring die niet klopt met het geleverde, of een productiecontrole die alleen op papier bestaat. Dit artikel legt uit hoe het systeem in elkaar zit, wat de notified body precies doet en waar het bij fabrikanten en inkopers het vaakst misgaat.

Voor wie geldt de CE-plicht

De plicht geldt voor fabrikanten die constructieve onderdelen van staal of aluminium als bouwproduct op de markt brengen: liggers, kolommen, spanten, samengestelde constructiedelen, bordessen en vergelijkbare producten met een dragende functie in een bouwwerk. Ook een werkplaats die uitsluitend in opdracht van aannemers produceert, valt eronder zodra het product de fabriek verlaat als constructief onderdeel. Wat er niet onder valt: montagewerk op de bouwplaats zelf en producten die onder een andere geharmoniseerde norm vallen. Twijfelgevallen, bijvoorbeeld reparatie of het bewerken van bestaande constructies, verdienen een expliciete beoordeling vooraf.

De prestatieverklaring (DoP)

De Declaration of Performance is het juridische hart van de CE-markering. Daarin verklaart de fabrikant welke prestaties het product levert, bijvoorbeeld op basis van de constructieve specificatie van de opdrachtgever (methode 3a of 3b) of van eigen ontwerp (methode 1 of 2). De DoP vermeldt onder meer het producttype, het beoogde gebruik, de uitvoeringsklasse en de essentiële kenmerken zoals draagvermogen, brandgedrag en lasbaarheid, of verwijst daarvoor naar de meegeleverde documentatie. De CE-markering op het product of de begeleidende documenten moet één op één aansluiten op de DoP. Een DoP die standaard wordt gekopieerd zonder projectspecifieke gegevens is een van de meest voorkomende tekortkomingen.

Factory Production Control (FPC)

De basis onder de verklaring is de fabrieksmatige productiecontrole: een gedocumenteerd systeem dat borgt dat elk geleverd product de verklaarde prestaties haalt. Het FPC-systeem dekt onder meer personeel en kwalificaties, materieel, ingangscontrole van materiaal, het lasproces volgens het passende ISO 3834-deel, maatcontrole, niet-destructief onderzoek en de behandeling van afwijkingen. Voor het lasgerelateerde deel leunt EN 1090-1 volledig op EN 1090-2 en ISO 3834. Hoe u zo'n systeem praktisch opzet, leest u in ons artikel over Factory Production Control.

De rol van de notified body

Voor constructieve staal- en aluminiumonderdelen geldt systeem 2+ voor de beoordeling en verificatie van de prestatiebestendigheid. Dat betekent:

  • De fabrikant voert zelf de typebepaling en de productiecontrole uit.
  • Een notified body voert een initiële inspectie uit van de fabriek en het FPC-systeem en geeft bij goed gevolg het FPC-certificaat af.
  • De notified body houdt daarna periodiek toezicht, meestal jaarlijks, en kan het certificaat schorsen of intrekken.

Het certificaat vermeldt de scope: de maximale uitvoeringsklasse en de methode van verklaren. De notified body certificeert dus het productiesysteem, niet de individuele producten: de verantwoordelijkheid voor elk geleverd onderdeel blijft bij de fabrikant.

Samenhang met EXC-klassen en lascoördinatie

Het FPC-certificaat is begrensd tot een maximale uitvoeringsklasse. Wie gecertificeerd is tot EXC2 mag geen EXC3-onderdelen CE-markeren. De klasse bepaalt via EN 1090-2 ook de eisen aan lasmethodekwalificaties volgens EN ISO 15614-1, lasserskwalificaties volgens ISO 9606-1, het kwaliteitsniveau volgens ISO 5817 en het vereiste niveau van de lascoördinator. Die lascoördinator is binnen het FPC-systeem een sleutelfiguur: de notified body toetst bij de initiële inspectie en het vervolgtoezicht nadrukkelijk of de coördinatie past bij de scope. Zie hiervoor ons artikel over de EXC-klassen.

Veelgemaakte fouten

De tekortkomingen die wij in de praktijk het vaakst tegenkomen:

  • Leveren buiten de scope van het FPC-certificaat, bijvoorbeeld een hogere uitvoeringsklasse of een andere verklaringsmethode.
  • Geen of onvolledige DoP bij de levering, of een DoP die niet aansluit op de constructieve specificatie.
  • Lasserskwalificaties die verlopen zijn of niet dekken wat er daadwerkelijk gelast wordt.
  • Materiaalcertificaten die ontbreken of niet herleidbaar zijn naar de geleverde onderdelen.
  • Een FPC-handboek dat na certificatie in de kast verdwijnt en niet meer aansluit op de werkelijke werkwijze.
  • Inkopers die niet controleren of hun leverancier voor de gevraagde klasse gecertificeerd is.

Structurele EN 1090-ondersteuning voorkomt dat deze punten pas bij een audit of bij schade aan het licht komen.

Veelgestelde vragen

Ja. Voor constructieve stalen en aluminium onderdelen die als bouwproduct op de markt worden gebracht, is CE-markering volgens EN 1090-1 verplicht op grond van de Verordening bouwproducten. Zonder geldig FPC-certificaat van een notified body mag een fabrikant deze producten niet CE-markeren en dus niet leveren.

Het FPC-certificaat wordt door de notified body afgegeven en verklaart dat het productiecontrolesysteem van de fabrikant voldoet. De DoP stelt de fabrikant zelf per product of producttype op en vermeldt de verklaarde prestaties. Het certificaat gaat over het systeem, de DoP over het geleverde product.

Nee. Onder systeem 2+ beoordeelt de notified body de fabriek en het FPC-systeem, initieel en daarna periodiek. De typebepaling en de controle van individuele producten blijven de verantwoordelijkheid van de fabrikant. De CE-markering is en blijft een verklaring van de fabrikant zelf.

Vraag het FPC-certificaat op en controleer of de scope de vereiste uitvoeringsklasse dekt en of het certificaat geldig is. Controleer bij levering of er een DoP en CE-markering bij zit die aansluiten op de constructieve specificatie van het project, inclusief de juiste klasse.

Heeft u een lastechnische vraag?

Stel uw eerste vraag aan de DEHAAS Welding & Quality Assistant, laat uw situatie beoordelen door een specialist, of bel direct.

WhatsApp