DEHAAS
Home
Diensten
Sectoren
Kennisbank
Werkgebied
Over ons Contact English Offerte aanvragen

Toevoegmateriaal kiezen

KennisbankLeestijd: 2 minutenBijgewerkt: 4 november 2026

Het toevoegmateriaal bepaalt de sterkte, de taaiheid, de corrosieweerstand en het waterstofgehalte van het lasmetaal. Toch wordt de keuze op veel werkvloeren gemaakt op basis van wat er in de kast ligt. Dat is een van de weinige beslissingen waarbij een verkeerde greep in dertig seconden de constructieve eigenschappen verandert.

Dit artikel legt uit hoe u een classificatie leest, wanneer u afwijkt van matching en waarom opslag net zo belangrijk is als de keuze zelf.

Toevoegmateriaal kiezen bij DEHAAS

1. De classificatie lezen

Een classificatie zoals EN ISO 14341-A G 46 4 M21 3Si1 bevat alle informatie die u nodig hebt. G staat voor massieve draad, 46 voor een minimale rekgrens van 460 N/mm2, 4 voor 47 joule kerfslagwaarde bij min 40 graden, M21 voor het gaskader waarin die waarden gelden, en 3Si1 voor de chemische samenstelling.

Let op dat laatste punt: de opgegeven eigenschappen gelden alleen bij het opgegeven beschermgas. Dezelfde draad onder een ander gas haalt andere waarden. Dat is een detail dat in WPS-en regelmatig ontbreekt.

2. Matching, overmatching en undermatching

Matching betekent dat het lasmetaal dezelfde sterkteklasse heeft als het basismateriaal. Dat is de standaardkeuze en meestal de juiste. Overmatching, met een sterker lasmetaal, lijkt veiliger maar verhoogt de restspanning en het scheurrisico, zonder dat de verbinding altijd sterker wordt.

Undermatching is een bewuste keuze bij hogesterktestaal, vooral bij hoeklassen, waar de verbinding vaak niet de maatgevende doorsnede is. Het verlaagt de restspanning en het waterstofscheurrisico. De keuze hoort in de constructieberekening en moet door de kwalificatie zijn gedekt. Zie fijnkorrelstaal lassen.

3. Waterstofklasse en opslag

Bij staal dat gevoelig is voor koudscheuren is het waterstofgehalte van het toevoegmateriaal een harde eis. De aanduiding H5 betekent maximaal 5 ml waterstof per 100 gram lasmetaal, H10 maximaal 10. Bij S460 en hoger wordt doorgaans H5 geeist en bij zware wanddiktes zelfs minder.

Die waarde geldt alleen als het materiaal droog blijft. Basische elektroden nemen vocht op uit de lucht en horen in een droogoven en daarna in een verwarmde quiver. Een elektrode die een dag open op de werkbank heeft gelegen is geen H5-elektrode meer. Zie waterstofscheuren voorkomen.

4. Vastleggen en herleidbaar houden

Het toevoegmateriaal staat met classificatie en handelsnaam in de WPS, en bij kerfslageisen is het een aanvullende essentiële variabele: wisselen van fabrikant vraagt dan een controle of de kwalificatie nog geldt.

Bij drukapparatuur en in hogere uitvoeringsklassen moet ook het lotnummer herleidbaar zijn, gekoppeld aan de las in het lasregister. Een doos zonder etiket is daarmee onbruikbaar materiaal, hoe goed de draad zelf ook is.

Offerte samenstellen

Stel uw aanvraag samen

In een paar klikken een vrijblijvende offerte op maat. U krijgt antwoord van een lascoördinator.

Lasinspectie op locatie door DEHAAS Onafhankelijk beoordeeld, aantoonbaar vastgelegd
Offerte samenstellen
12345
Stap 1 van 5

Waar gaat het om?

Kies gerust meer dan één optie.

Wat is de situatie?

Zo weten we meteen waar het om draait.

Wanneer moet het klaar zijn?

Een inschatting is genoeg.

Tekening, WPS of foto meesturen?

Een lasnaadfoto, een WPS of een tekening maakt het antwoord meteen concreet. Overslaan mag ook.

Waar mogen we het antwoord naartoe sturen?

Wij nemen contact met u op om uw aanvraag te bespreken.

Gratis en vrijblijvend In 1 minuut ingevuld Persoonlijk antwoord

Veelgestelde vragen

De vragen die het vaakst gesteld worden.

Mag ik een sterkere draad gebruiken dan nodig?

Technisch kan het, maar het is zelden verstandig. Sterker lasmetaal heeft een hogere krimpspanning en een hogere hardheid, wat het scheurrisico verhoogt. Bovendien is de verbinding niet sterker als het basismateriaal de maatgevende doorsnede is.

Hoe lang mag een basische elektrode buiten de oven liggen?

Dat staat op het productblad van de fabrikant en is doorgaans enkele uren in een verwarmde quiver. Zonder quiver is het een kwestie van minuten tot een uur. Is de termijn overschreden, dan moet de elektrode opnieuw worden gedroogd volgens het voorschrift, en dat mag niet onbeperkt vaak.

Moet toevoegmateriaal een certificaat hebben?

Voor gewoon constructiewerk volstaat doorgaans een fabrieksattest. Bij drukapparatuur en in hogere uitvoeringsklassen wordt een keuringsdocument volgens EN 10204 geeist, soms type 3.1. Controleer dat vóór inkoop.

Geldt de opgegeven kerfslagwaarde altijd?

Nee, alleen onder het gas en de omstandigheden die bij de classificatie horen. Een andere gassamenstelling, een andere positie of een sterk afwijkende warmte-inbreng kan de waarde verlagen. Daarom wordt de taaiheid in de kwalificatie beproefd en niet uit de brochure overgenomen.

Verder lezen

Een vraag over een lasnorm, een WPS of een inspectie?

Stel hem gewoon. U krijgt persoonlijk antwoord van een lascoördinator die het werk zelf heeft gedaan, niet van een verkoper.

Stuur uw aanvraag Bellen 06 29 72 37 91
Aanvraag doen